Bouw, PC 124: een andere basis, geen ander tarief
Gepubliceerd op 5 september 2026 — Aureus Social Pro
Kort: in de bouw worden de RSZ-bijdragen berekend op 108 procent van het brutoloon, en de werkgever draagt 10,67 procent aan het fonds voor bestaanszekerheid. Daar komen weerverlet en sectorale maaltijdcheques bij, die de cao in twee regimes opdeelt. Het regime telt 40 uur per week.
De 108 procent, en waarom ze zo vaak wordt gemist
Het is geen toeslag en geen ander tarief: bij arbeiders wordt de berekeningsbasis van de bijdragen met 1,08 vermenigvuldigd. De reden is het vakantiegeld, dat niet door u maar door een vakantiekas wordt betaald.
Wie die basis vergeet, onderschat elke loonkost van de sector — niet één keer, maar stelselmatig, en op elke offerte. Het is de meest voorkomende vergissing bij wie uit een bediendensector komt, precies omdat het tarief er wél bekend uitziet.
Minimumbarema PC 124 — regime van 40 uur
| Categorie | Per uur | Per maand |
|---|---|---|
| Categorie I | 18,59 EUR | 3.222,61 EUR |
| Categorie I A | 19,52 EUR | 3.382,95 EUR |
| Categorie II | 19,82 EUR | 3.435,47 EUR |
| Categorie II A | 20,81 EUR | 3.607,07 EUR |
Deze tabel toont wat onze geverifieerde bron draagt, niets meer. Staat uw functie er niet in, dan is het sectorale barema van uw categorie wat geldt — een barema invullen dat we niet hebben gelezen, zou de enige fout zijn die erger is dan er geen te tonen.
Het fonds, en waarom uw eindejaarspremie niet van u komt
De werkgeversbijdrage aan het fonds voor bestaanszekerheid bedraagt 10,67 procent van het brutoloon. Ze financiert onder meer de eindejaarspremievan de sector.
Praktisch gevolg dat men zelden hoort: in de bouw betaalt u die premie niet rechtstreeks aan uw werknemer — het fonds doet dat. Wat u wél draagt, is de bijdrage, elke maand. Het is dus geen last die in december valt maar een die het hele jaar loopt.
Weerverlet: een dag, niet een periode
Bij vorst of aanhoudende regen kan het werk worden stilgelegd. De werknemer krijgt dan een uitkering, met daarbovenop een sectorale aanvulling.
Het punt waarop dit misloopt is de eenheid: weerverlet wordt per dag aangegeven, niet per periode. Een week stilstand is vijf aangiften, geen enkele.
Maaltijdcheques: twee regimes, en het plafond is een derde ding
De sector legt maaltijdcheques op, in werking sinds 1 juli 2026. En de cao voorziet twee regimes, naargelang uw onderneming er al toekende of nog niet:
- Onderneming die nog geen maaltijdcheques toekende — nominale waarde 3,09 EUR, waarvan 2,00 EUR werkgeversdeel en 1,09 EUR werknemersdeel.
- Onderneming die er al toekende — een bijkomende werkgeversbijdrage van 2,00 EUR per cheque, boven op wat u al betaalde.
Het onderscheid is niet cosmetisch: wie er al toekende, telt er bij; wie begint, vertrekt van een nominale waarde. Beide op één bedrag terugbrengen laat een werkgever van de tweede groep geloven dat hij in orde is.
⚠️ De cao geldt niet voor studenten en niet voor flexi-jobs (art. 1). En verwar het sectorale minimum niet met het nationale vrijstellingsplafond: wie verder gaat dan wat de sector oplegt, blijft aan dat plafond gebonden om de vrijstelling te behouden — en die vrijstelling is alles of niets.
Bron: cao van PC 124, teksten gelezen in de cao-databank van de FOD. De bedragen, de datum van inwerkingtreding, de twee regimes en de uitsluitingen worden alle uitgelezen — geen enkel is hier ingetikt.